De ringwal van ijsbarrières om de platte aarde

Nadat er met de oude noordpool als centrum al enige rondvluchten hadden plaatsgevonden, werd het hoog tijd dat er, voor het eerst, ook eens een rondje zou worden gevlogen van de noordpool via de zuidpool terug, dus Noord-Zuid langs de meridiaan. De Amerikaanse kapitein Odom was de eerste die voornemens was dit rondje op zijn naam te brengen. Het noodlot wilde echter dat de kapitein met het brandend vliegtuig neerstortte en in de vlammen om het leven kwam. Sindsdien - en dat zijn al ettelijke jaren - kwam er geen opvolger: men zag van het waagstuk af. Een waagstuk? Het kan toch niet erg riskant meer zijn; de actieradius onzer moderne luchtreuzen is er ruimschoots op berekend. Edoch.....de wereld wacht en wacht op de held aan wie de eer te beurt zal vallen deze zege te behalen.

Men zal moeten blijven wachten want het kan niet....., omdat de zuidpool geen pool is, maar een eindig grensgebied.

Toch stond er reeds in 1947 met vette koppen in de krant: "Byrd vloog over de zuidpool". Ja, dat stond er, doch er stond niet bij dat hij slechts een retourtje tot een zeker punt vloog dat men als "het tweede aspunt van de aarde" veronderstelde.

Naderhand was de Australische minister van buitenlandse zaken enthousiast van plan om op het ijsplateau van Grahamland een vliegbasis in te richten, daar dit plateau - volgens de globe - de kortste verbinding tussen drie werelddelen is. Is de aarde plat, dan is het tegendeel natuurlijk het geval. Het is dan ook geen wonder dat het plan al vanaf 1933 op verwezenlijking wacht. Zo heeft ook de Canadian Pacific Airlines al sinds 1956 een luchtlijn over het "zuidpoolgebied" in studie. Deze lijn zal Australië en Nieuw-Zeeland met Europa verbinden en met Argentinië. Maar ook dit laat, jaar in jaar uit, op zich wachten...men rept er niet meer van; het is alsof het plan in de doofpot werd gestopt. En dat wil voor een goede verstaander toch wel wat zeggen!

Laten we nu eens aandachtig luisteren naar de ervaringen van de poolvorsers Scott, Byrd en Shackleton. Daarna komen het geofysisch jaar met de twaalflandenexpedities, waaronder Fuchs en Hillary en ook de Russen aan bod.

Voordat Byrd naar het witte continent trok, dacht hij: "Vannacht heb ik, zoals ik talloze nachten deed, mij afgevraagd: Waarom doe je dat nu? Dit is een tijd van ontmoedigende twijfel. Mijn verstand kent het antwoord wel, maar er is vannacht een geheimzinnige, misschien oeroude stem, die instinctief andere antwoorden geeft". Byrds plannen waren al wereldkundig en.....hij ging toch, zoals ook wij wellicht gedaan zouden hebben zonder ons iets van intuïties aan te trekken. Aan boord dacht hij: "Er zijn meer dan tachtig mannen bij de expeditie, in leeftijd variërend van 18 tot 68 jaar, van zeelui tot mannen der wetenschap. Voor ieder hunner voel ik een zware verantwoordelijkheid".

Toen Scott de witte ringwal naderde, ook in de mening dat hij de zuidpool tegemoet ging, sprak hij van "de drempel van het verboden land". Dit betrof de zone achter de Rosszee.

Diep in de Weddellzee, kwam Shackleton tot de gedachte: "Het leek wel, of de geesten van de zuidpool ons wezen op de weg die we gekomen waren en die we besloten hadden niet meer te volgen". De catastrofe, die zich hierna voltrok, zullen we u besparen.

Van de Rosszee-groep lezen we: "Ik vraag mij af, waarom iemand ter wereld eigenlijk naar deze streken gaat. Daar zitten we nu, overdag gekweld door vorst, 's nacht bevroren; wat een leven". (55° onder nul. Dit was maar een voorproefje).

Shackleton klaagt: "Het onophoudelijk scheuren en afbrokkelen van het ijs, dat gepaard gaat met suizelende geluiden, en allerlei onheilspellende geluiden deden mij de gehele nacht op mijn qui vive zijn en het vooruitzicht, dat het ijs zou breken, zou mijn zenuwen in de war gebracht hebben, wanneer die niet bij vorige gelegenheden gevoelloos geworden waren".

Byrd: "De storm werd in het scheepsjournaal van de Terra Nova aangeduid met "kracht 10", dat is twee streep beneden het maximum, een orkaan. De dood stond ons dicht voor ogen, toen ons schip door de heuvelen en dalen van die wildernis der diepte worstelde. Het waren de meest boze dagen, die ik ooit op zee had doorgebracht". Over de kompassen onthult de Admiraal: "De volgende dag heb ik geleerd, dat ik te vroeg victorie had gekraaid. Want de kompassen werden onnauwkeurig; er was een groot verschil tussen de aanwijzingen van het standaardkompas en het stuurkompas, en de gevoeligheid was zo gering geworden, dat wij het eerstgenoemde kompas nauwelijks meer durfden vertrouwen".

Naarmate het einde van de platte aarde nadert, spotten de kompassen - ook het girokompas dat er volstrekt onbetrouwbaar is - natuurlijk met de vooropgezette berekeningen. De mens heeft door zijn vernuft dit instrument geconstrueerd en wantrouwt nu de rechtschapenheid ervan. De kuren van het kompas zijn helemaal niet vreemd, als er maar rekening met de juiste vorm onzer woonstee wordt gehouden. Het onrustig geworden kompas zegt zoveel als: "Wees op uw hoede!" "Bij de kompassen is nu het hek van de dam", vervolgt Byrd. "Er was honderd graden verschil tussen het standaardkompas en het stuurkompas. Er bestaat in deze streken een grote afwijking van het kompas, ongeveer 100 graden van de ware stand". Onder "de ware stand" verstaat men natuurlijk de stand die men op een bol verwacht. Staat nu juist op de platte aarde het kompas - dwars op de richting noord-zuid - hier niet in de ware stand?

De strijd tegen de elementen begon; Byrd rapporteerde: "De honden hebben de gehele dag gehuild met een ijselijke, hun alleen eigen onwilligheid. Hun gehuil hield nooit op en kreeg, vermengd met het geluid van de wind, een vreemde, droevige klank; of het door ellende of door angst werd veroorzaakt, viel niet te zeggen. De hemel weet dat zij zelden stil zijn, maar thans blaffen zij de hele dag, in een erg wanluidend koor, waarin nu en dan woeste strijdkreten klinken".

Shackleton: "Twee tot driemaal in de vierentwintig uur begint de hond Hercules te huilen, en na ongeveer dertig seconden zingt de hele troep met hem mee, een machtig, diep dreunend, harmonisch gezang van een bende halve wolven".

Nietszeggend?......

Ook de normale wetten van het perspectief raken in verwarring. Het beeld in het oog gaat zich misvormen. Hierover vertelt Byrd: "Voor de eerste maal hadden wij het hoofd te bieden aan afwijkingen in het gezichtsveld, die in het zuidpool land alle reizigers misleiden. In de atmosfeer verspreidde zich een onwerkelijke waas, waarin de ogen hun zekerheid verloren en de onderlinge afstand der voorwerpen zich wijzigde. Een hoop sneeuw, die vlak voor ons scheen te liggen, bleek tenslotte vijftig yards ver. Het was allemaal verwarrend. Braathen schreeuwde: "Ik zie een piek, daar is de Ronnikenberg", en hij meende dat de piek 75 voet hoog was en op enige afstand lag. Hij zette zich in beweging, zo snel hij op zijn ski's voort kon, om met groot verdriet te ontdekken, dat de "piek" niet hoger dan zijn schouders kwam en bijna vlak voor zijn neus stond. Een ogenblik geleden stapte ik de tent uit en werd opnieuw getroffen door het gezichtsbedrog. Al spande ik mijn ogen ook nog zo in, ik kon de afstand noch de afmetingen schatten van de dingen om ons heen".

Sbackleton: "Alles ziet er onwerkelijk uit, de ijsbergen hangen ondersteboven in de lucht". Dat ook de weerkundigen in de eindzone van de platte aarde voor hachelijke problemen gesteld worden spreekt vanzelf.

Byrd: "Wat er in de uitgestrekte ijswoestenij werd gebrouwen, kon zelfs geen tovenaar weten; want het weer is onderhevig aan plotselinge, hevige en niet te voorziene veranderingen, die zich schijnen voor te doen tegen alle bekende wetten en systemen in, en meer dan één meteoroloog heeft, om deze grillen, zijn handen in ergernis ten hemel geheven".

Scott: "Overal loert de dood. De thermometer wees 77° F. (6O° C.)" Er werden ironische opmerkingen gemaakt over het feit dat men zich op de koude had moeten voorbereiden in wat door een lid der bemanning aangeduid werd met "het voorportaal der hel". Harde feiten geven blijk, dat het hier met onze woonstee naar het eind loopt. Scott vervolgt: "De gemiddelde windsnelheid voor het jaar werd vastgesteld op 50 mijl per uur, de wind bereikte volgens Mawson een snelheid van gemiddeld 107 mijlen per uur, waarbij zelfs de stevigst bevestigde planken van de hut werden losgerukt. Stormvlagen van ongeveer 200 mijlen per uur werden aan- getekend op de anemometer. Bijwijlen scheen het onmogelijk een uitweg te vinden in deze verschrikkelijke doolhof, waarin wij ons bevonden. Ik geloof niet, aldus Scott, "dat menselijke wezens ooit zulk een maand hebben doorgemaakt, als wij doorstaan hebben". Op de rand van de wanhoop riep Scott: "Grote God! Dit is een vreselijk oord....."

Over het drama dat hem en zijn makkers toen overviel, zullen we maar zwijgen, omdat het maar al te zeer bekend is. Niemand heeft het recht zich ooit tegen deze kloeke mannen te misdragen, ook al wordt het zonneklaar dat zij, met miljoenen, zich in de vorm der aarde vergist hebben.

Byrd sprak ook wel eens anders dan zojuist, wanneer hij zegt: "Soms kan het schijnen, dat er in deze sfeer een boosaardig bewustzijn aan het werk is dat 's mensen ondergang zoekt. Maar dat komt alleen, doordat de mens zijn karakter heeft overschat".

Het lot van de honden was wel zeer hard. De stomme dieren kunnen niet spreken, doch spreekt hun houding geen boekdelen? De Rosszee-expeditie rapporteerde: "De honden moeten van het trekken niets meer hebben; zij schijnen te denken dat het daar in het zuiden niet goed voor hen is".

Voorvoelden de arme dieren meer dan mensen? In zijn boek "De strijd om de zuidpool", een samenvatting van enkele expedities, zegt Bezemer: "Immers, naarmate men vordert en de sledelasten lichter worden, kunnen de minst geschikte honden worden afgeslacht en hun koppelgenoten zijn dan allesbehalve fijngevoelig en blijven gezond door het verse vlees hunner makkers". "Hebben de dieren en de mensen elkaar op vroege tochten niet begrepen? vraagt Amundsen zich af. Vinden hondenkenners het antwoord moeilijk? Moet men een hondenkenner zijn om hun protesten te doorgronden? Gaven de honden niet zelf hun veelzeggend commentaar?

De barrières in vogelvlucht

Per vliegtuig kon men dieper doordringen in dit oord vol raadselen. Byrd bracht het een eind verder dan de mannen met de sleden, totdat......de lucht steeds ijler werd. Om toch nog verder te kunnen vliegen gelastte hij zware instrumenten, tot zelfs voorraden levensmiddelen overboord te gooien, totdat het ook toen mis liep. "De dichtheid van de lucht werd zeer ongelijk. Wij stegen nog, maar met een voortdurend verminderende snelheid. In de ijler wordende lucht luisterde het vliegtuig met opmerkelijke traagheid naar het stuur. Er was geen keus, wij waren genoodzaakt terug te keren. Al weer had deze streek zijn geheimen bewaard - had hij ons toegevoegd aan de lange lijst van degenen, welke hij had teruggedreven".

Nu zijn er meer opvallende factoren die er op wijzen dat dit een eindig oord is. Immers: als de lucht steeds ijler wordt en uiteindelijk ophoudt te bestaan, moeten de winden, die vanuit de richting van het einde komen, daar blijk van geven, want waar geen lucht meer is kunnen zich ook geen wolken meer formeren. Byrd: "De winden uit het zuiden gaan altijd gepaard met zonnige dagen en helder blauwe luchten". Ook hieruit blijkt dus zonneklaar dat dit geen pool, maar een eindig gebied is.

Het gigantische meesterwerk, de honderden tot duizenden kilometers brede wal van machtige barrières als barricades waarin het aardplateau besloten ligt, is het ondoordríngbaar einde van de ons toegewezen woonstee, de school waar we de levenslessen moeten leren. Er staat geschreven: "De aarde is door grendelen toegesloten - tot hiertoe zult gij komen en niet verder". Dacht men oudtijds dat de aarde plat is of wist men het? We laten het antwoord in het midden, elk denke er het zijne van. De toekomst moet het leren.

Omdat er geen zuidpool is, kon men natuurlijk ook nimmer de verwante zuidpoolster ontdekken. Hij is er niet. Waarom toch werd het trouwste dier ter wereld ontrouw? Gehoorzamen zij bij instinct aan ongeschreven wetten welke door mensen halsstarrig werden genegeerd? Toen Schackleton en zijn mannen niet meer tegen de boosaardige elementen waren opgewassen en mismoedig en verslagen het niet bereikte doel de rug toekeerden, waren de honden toen ook mismoedig? Integendeel: de honden werden tot nieuw leven gewekt. Ze trokken de sleden alsof ze dol geworden waren van blijdschap.

Later zou ook de expeditie van Dr. Vivian Fuchs zulke ervaringen met honden opdoen. Hij merkte op: "De honden hebben een zeer menselijke trek het leuk te vinden als iets volkomen mis dreigt te gaan en die dan ook genoten als de sleden, mensen en dieren in de knoop raakten. De leiders weigerden hardnekkig rechtuit te gaan, terwijl ze af en toe helemaal geen poot verzetten. Nano keek telkens verwijtend om en verzette zich tegen de meeste commando's.

Stel: Als er eens tegelijk zes vliegtuigen startten, vanuit Zuid-Afrika, India, Australië, Nieuw-Zeeland, Hawaiï en Zuid-Amerika, met als doel: elk met de noordpool in de rug langs zes verschillende meridianen koers zettend naar de barrières, om elkaar uiteindelijk in het hartje van een zuidpool te ontmoeten. Zij zouden op de platte aarde in plaats van almaar dichter bij elkaar te komen, almaar verder van elkaar verwijderd raken. Een ontnuchtering was het gevolg. Slechts één van de zes zou slagen, namelijk hij die het geluk had op Hawaii te zijn gestart. Hij zou landen op het gestelde punt in West-Antarctica. Ze zouden alle zes - als ze veilig konden landen - respectievelijk meer dan 10.000 km van elkaar verwijderd, de vlag van hun land planten, zes vlaggen, zes "polen”, vijf missers en één denkbeeldig resultaat.

Een halfjaar daglicht en een halfjaar duisternis(?) in het grensoord

Waar men zich nu ook in het grensoord bevindt, de zon beschrijft - optisch - een baan van rechts naar links en wekt de illusie alsof men zich aan de rand van een zuidpoolgebied bevindt. Dit is maar schijn. Want wie weten het beter dan de mannen van ervaring?

Byrd: "De mening dat de winternacht pikdonker zou zijn is overdreven. Een volkomen duistere nacht is eer uitzondering dan regel. ln de nacht, die de donkerste van alle moest zijn, die van 21 juni, verlichtte een smalle rode streep de noordelijke horizon op de middag".

Shackleton: "Te midwinternacht was er een noorder gloeiing met rose wolkjes aan de horizon”. Kan dat als er een kolos van een halve aardbol tussenbeide was? Op een platte aarde, waarboven in de optisch naar de aarde gebogen hemel het zonnebeeld nauwelijks werd opgeheven in het perspectief, lijkt het me alleszins aannemelijk. In plaats van een "poolnacht" in de ringwal, noemen we het de "grensschemering". En in zulk een nacht komt de zon wel eens even om een hoekje kijken. Shackleton: "De zon, die zeven dagen van te voren beslist voor de laatste maal was opgetreden, verbaasde ons, door op de 8e mei voor meer dan de helft boven de horizon te komen. Een kwartier later verdween de buiten haar tijd zijnde bezoekster weer, om opnieuw op te komen, weer onder te gaan, andermaal op te komen en om dralend te verdwijnen".

Thomas Henry, verslaggever van de laatste expeditie Byrd, rapporteert in zijn boek "Het Witte Continent": "De ene dag ziet men de zon te hoog, de andere dag te laag". Flagrant dus in strijd met de vooropgezette berekeningen. Men ziet er, in optische splitsingen, soms vijf tot zeven zonnen tegelijk. "Er komen dubbele en driedubbele zonsop- en zonsondergangen voor" en "valse zonsop- en ondergangen, als bogen aan de tegenover de zon gelegen hemel in het middernachtelijk uur". Het ziet er hier met de lichteffecten wel even anders uit dan we op school zo keurig afgerond leerden.

afbeelding

We bevonden ons zojuist aan de Rosszee-kust. We oriënteren ons thans even met Shackleton aan de kuststreek van het Weddellzee-gebied: "De zon was 120 mijlen verder naar het zuiden te zien dan waarop de straalbrekingstabellen haar het recht gaven. Gewoonlijk heeft de straalbreking ten gevolge, dat, als we de zon opnemen voor het bestek, de hoogte te groot is, maar vandaag is de horizon zoveel naar beneden geplaatst, dat de hoogte ongeveer 12 graden te laag is. We kregen een aantal bijzonnen te zien" aldus Shackleton. En tegen het einde van de zogenaamde "poolnacht" verscheen de zon reeds vier dagen vroeger dan volgens het boltheoretische tijdschema was verwacht. Byrd: "Recht tegenover de zon stond het anthelion (een tegenzon). Zulk een tegenzon als fata morgana geeft natuurlijk licht maar geen warmte. En dat het lichteffect door het wit van het sneeuwlandschap nog wordt verhoogd, laat zich denken".

Nee, de zon cirkelt perse niet in concerto om een zuidpool, ook niet om de ringwal van de platte aarde. Henry, de verslaggever van de expeditie Byrd, rapporteert het verschijnsel dan ook totaal anders. Let op! Hij verklaart: "In de zomer beweegt de zon zich schijnbaar in vierentwintig uur rondom de hoge horizon van rechts naar links". U zult het wel gerechtvaardigd vinden dat ik op dat "schijnbaar" even de nadruk heb gelegd.

"Geheel Antarctica" aldus Henry "is een spiegelzaal in de lucht. Dr. Siple zag op zijn knieën liggend een groter deel van het aardoppervlak dan rechtop staande. Hij zag over de curve van de aarde heen. Men kan er schepen zien, waarvan de schoorstenen rook uitbraken, op een paar mijl afstand, hoewel er in werkelijkheid binnen een afstand van honderden mijlen geen open water is. Wilde berglandschappen, ruw dooreen geworpen, doemen aan de horizon op. Ze zien er uit, alsof ze gemakkelijk binnen enkele uren te bereiken zijn, doch in werkelijkheid is men weken van ze verwijderd".

Dat dit fata morgana's zijn is begrijpelijk. Ook is het begrijpelijk dat het berglandschappen betreffen van gebergten in Noord-Amerika. Onbegrijpelijk is het echter dat men, op een aardbol, fata morgana's waar kan nemen van objecten welke een tienduizend kilometer ver zijn. Op de platte aarde wordt het daarentegen veel logischer, vindt u niet? Volgens mannen die het kunnen weten "is het een land voor nieuwe helden, een kierende deur, die toegang verleent tot eindeloosheid van geheimzinnigheid, schoonheid, glorie en gevaar".

Het lijkt in deze grenszone dus allerminst op het centrale drijvende ijsveld waar men met de regelmaat van de klok overheen vliegt. In tegenstelling nu met de langdurige dag in het wintercentrum tijdens de Europese zomerperiode wijkt in de Europese winterperiode de vergrote zonnekring ten nadele van het centrum, nu ten voordele van de grenszone.

Ten gevolge van de waggelende beweging van de wereldschijf, bevindt men zich daar op een op en neergaande wip, waardoor men er de zon langdurig in het oog houdt, zij het ten dele dan ook wegens optische zonne-splitsingen. Wat denkt u van het volgende mysterie: Shackleton rapporteerde: "De zon stond gedurende 70 dagen constant recht boven ons, de temperatuur was 41° onder nul". Dit raadsel lijkt me onoplosbaar als men het op een draaiende aardbol wil verklaren, al is het op de platte aarde ook niet zo eenvoudig maar aannemelijker. We kunnen het verschijnsel in geen geval aan de concrete zon toeschrijven - het kan niet anders dan een langdurig fata morgana zijn geweest, zoals die in de buurt van het witte continent herhaaldelijk voorkomen, waaraan ik dan ook de langdurige dag in dit oord toeschrijf in ongelijkmatige lichteffecten in noord-, zuid-, west- en oost antarctica. In het geofysisch jaar leefden we tevergeefs in spanning, wachtend op veel nieuws van de twaalflandenexpedities; het bleef geheimzinnig stil met de berichtgevingen. Te veel problemen? Behoudens de stunt van de expedities Hillary-Fuchs en een sporadisch bericht van de Russen, hielden de andere negen landen-expedities zich nagenoeg muisstil. Er verscheen één nieuwtje in de Engelse pers: "Een marinevliegtuig vloog door een berg. In het zuidpoolgebied is een berg van 20.000 voet zoek geraakt. Het vliegtuig van de V.S. rapporteert, dwars door de plek gevlogen te zijn waar op de kaart de Mount Vinson van 20.013 voet staat aangegeven. Het vliegtuig vloog op 9.000 voet hoogte". Hieruit blijkt dus wel dat er ernstige misrekeningen in het spel zijn. Ik voorspel dat er nog talloze missingen aan de openbaarheid zullen moeten worden prijsgegeven. Aan het einde van het geofysisch jaar uitte de Pers de klacht: "De wetenschap wordt door een uitzonderlijk grote mate van geheimhouding belemmerd". Behalve dan dat er volgens het Amerikaanse Ministerie van Defensie op de basis Hallatt, 544 km zuidelijk van Mc Murdo Sound, tien....."vlooien" gevonden werden. Daar mochten we het lange tijd mee doen! Maar dit staat vast: Admiraal Byrd legde reeds ernstige twijfel aan de dag over de bolvorm van de aarde. In het vorengenoemde boek vertelt zijn verslaggever: "De wereld werd op zijn kop gezet op een platte kaart die in Antarctica werd getest. Het resultaat was, dat alle vorige kaarten fout waren en opnieuw getekend moesten worden. Het navigeren werd in de buurt van de equator bijna zo simpel alsof de aarde werkelijk een plat vlak vormt".

De nog ongeëxploreerde grensgebieden

Veel mensen leefden in de mening dat Byrd met zijn zeer grote wetenschappelijke staf tijdens zijn laatst gehouden enorme expeditie het witte continent nu wel bijna geheel verkend heeft en in kaart gebracht. Het restantje zullen de Amerikanen en Russen er wel even aan toevoegen, dan is de zaak oké. De Admiraal stelde dergelijke meningen echter als nonsens aan de kaak met te verklaren: "Ik wens voor eens en al een einde te maken aan de journalistieke gewoonte om van onze pogingen te spreken als een "verovering" van het antarctische gebied. Dat gebied is nog niet veroverd. Op zijn hoogst trokken wij een stukje van de sluier weg, die zijn geheimen verbergt. Er rest nog een enorm groot werk te doen. Met zijn grote uitgestrektheid stelt dit gebied ons en zal het ons waarschijnlijk nog vele jaren stellen één der grote, niet volbrachte taken der wereld". En dat betreffende het kleine witte plekje onder aan de globe?

Dat dit waarlijk een eindige zone is, waar een dwingende wet heerst, die elk levend wezen, dat zich in de "verboden richting" waagt, tot terugkeer noopt bleek ten overvloede wel uit de woorden van Henry: "Het instinctmatig links houden is een algemeen verschijnsel in Antarctica: Verdwaalde mannen en honden beschrijven altijd een kring in linkse richting. Het merkwaardige is wel, dat zelfs wanneer men bewust tracht rechts te houden, het resultaat toch altijd is dat men links gehouden heeft, zodat het vrijwel onmogelijk is te voorkomen, dat men zijn uitgangspunt weer van links bereikt. Pinguin sporen in de sneeuw draaien altijd naar links; zeehonden bewegen zich altijd in kringen naar links over het ijs; vluchten roof-meeuwen schijnen altijd van links te naderen".

Het vliegtuig met het perfecte instrumentarium zal zulk een wet dan toch zeker wel de baas worden? Integendeel. Majoor Robert Wier immers, de gezagvoerder van een verkenningsvlucht, raakte verdwaald in een witte mist van fijne ijskristallen zonder ook maar enig zicht, duizend kilometer verwijderd van zijn basis. De twee kompassen, waarop ze vertrouwd hadden, wezen naar tegengestelde richtingen; de bemanning wist niet meer of zij naar het noorden, oosten, of westen vlogen. Ook het radio-contact liep mis. Er werden noodseinen uitgezonden, maar deze werden aan de basis nooit ontvangen. Het werd dus blindvliegen in de ware zin des woords, op intuïtie. Stel toch: Op intuïtie!.....Dat dit een angstig avontuur werd, laat zich denken, vooral, toen er al 3.000 km op zat. Als dit nu een zuidpool was, dan waren ze er al ruimschoots overheen, ergens boven de spookgevaarlijke Indische Oceaan terecht gekomen met bedreiging van een tekort aan brandstof. Plotseling kregen ze echter weer goed zicht, en... dankzij de circulatiewet ontdekten zij tot hun grote ontnuchtering en geruststelling dat zij een enorme cirkel, linksom, beschreven hadden. Zij bevonden zich, tegen alle verwachtingen, weer boven hun basis waar zij behouden konden landen. De piloot moest echter onmiddellijk het ziekenhuis in.

Is het een wonder dat daar voor het maken van verkenningsvluchten de piloten bang zijn? Is het ook niet mysterieus dat de zogenaamde geografische "zuidpool" en de magnetische "zuidpool" niet minder dan 1.900 km van elkaar verwijderd liggen? En geeft het niet te denken dat men de juistheid hiervan nog niet eens met zekerheid vast kon stellen? Het lijkt dan ook verklaarbaar waarom de ene expeditieleider de ander "een vat vol tegenstrijdigheden" noemt. Niet fair. De platte aarde zal zo geformeerd blijken te zijn, dat geen sterveling er af kan vallen, zelfs niet al zal men moedwillig proberen het klaar te spelen. Want vóór het einde daar is, waar de meridianen - als spaken - doodlopen, liepen in het verleden en lopen in de toekomst uiteindelijk alle expedities spaak!

Het trefpunt Fuchs-Hillary

Ligt het trefpunt tussen de expedities Fuchs-Hillary werkelijk aan de onderkant van de aarde? U moogt het geloven als u het maar niet van mij verlangt. Het hele ontmoetingsgeval heeft zich op de platte aarde afgespeeld in West-Antarctica in de buurt van Zuid-Amerika tussen halfweg Nieuw-Zeeland. (zie het sterretje links op mijn platte project (afbeelding 11). Zij kwamen niet rechtstreeks tot elkaar maar boogvormig, met de oude noordpool als spil. Dit toont zelfs, in overeenstemming met het platte project, de globe-zuidpool onmiskenbaar aan, waarop de gebogen route tot uiting komt.

"Ik zie wat jij niet ziet", zei ik tegen mijn vrouw toen we de kleurenfilm van de expeditie Fuchs volgden. Volgens het platte wereldschema moet de zon zich namelijk uitsluitend rechts van de Fuchs-expeditie vertonen, laag boven de Stille Oceaan, dus binnen de barrière-zone en niet er buiten, links van de expeditie. Zo was het dan ook, want op niet één filmfragment vertoonde de zon zich links van de expeditie, maar wel een paar maal rechts ervan in de richting van het centrum van de platte aarde; ongeveer boven Californië, en in de buurt van Hawaii.

Zo had dus de Hillary-expeditie de zon in de linker flank. Maar hoe weinigen stonden er bij stil, dat dit er op wijst, dat de aarde plat is en niet rond. Er zullen ook maar weinig mensen aandacht geschonken hebben aan het volgende: Toen op het fascinerende trefpunt Dr. Fuchs en Hillary elkaar ontmoetten, wapperde er naast de Amerikaanse vlag de vlag der Verenigde Naties, waarop als embleem: de vijf werelddelen in het plat met het noordpoolgebied als centrum.

Maar hoe deze vlag ook wapperde en in de wind klapperde, het is de vraag of zij en ook maar één van de andere expeditie-leden er op dat moment aandacht aan geschonken hebben. Dat kan men zich indenken. Ik kan echter niet geloven, dat noch Dr. Vivian Fuchs noch Hillary op de hoogte waren van Admiraal Byrds twijfel aan de bolvorm van de aarde en van de door Byrd geteste platte-wereld-kaart waardoor is gebleken dat alle vorige kaarten "fout" waren en dat Fuchs en Hillary van de opnieuw getekende kaarten geen gebruik gemaakt hebben. Toen Hillary dan ook al in 1955 vanuit South Georgia het Weddellzeegebied verkende, om de nodige ervaringen op te doen, constateerde hij, dat de afstand tot de barrières veel groter is dan aan de hand van de globe werd verwacht. Hier kon naderhand de expeditie Fuchs pas na een worsteling van 50 dagen vaste voet krijgen, en de afstand naar het bepaalde trefpunt was ook groter dan Fuchs dacht.

Het is een historisch vaststaand feit, dat in de verstreken kwart eeuw de aandacht overwegend was gericht op West-Antarctica, uitgaande van Nieuw-Zeeland. Hierdoor kreeg men de indruk - ik aanvankelijk ook - als zou het doel het dichtst bij Nieuw-Zeeland liggen, zoals de globe het doet voorkomen. Dit blijkt evenwel lang niet het geval te zijn; het doel ligt het dichtst bij Kaap-Hoorn, de zuidelijkste punt van Zuid-Amerika.

Juist op het moment dat Fuchs en Hillary broederlijk scheep gingen van de Scott-basis naar Nieuw-Zeeland, kreeg ik bezoek van een man van de grote vaart. We vingen toevallig het radiobericht op: "Hillary en Dr. Vivian Fuchs zijn met de Endeavor uit McMurde vertrokken naar Nieuw-Zeeland". De zeeman kende dit schip. Ik stelde hem de globe ter hand, en vroeg hem uit te rekenen: hoe lang vaart dit schip over dit traject? Hij rekende en antwoordde: "zes dagen". Ik glunderde en zei: Laten we de berichten volgen. Volgens mijn platte kaart moeten zij er twee keer zo lang over doen; twaalf dagen. "Dat kan mooi worden, het spijt me, dit wordt voor u een strop" sprak hij. Precies twaalf dagen na hun vertrek kwamen zij in Nieuw-Zeeland aan.

Gebaseerd nu op de tijdsduur van dit zee-traject, kunnen we de gevolgtrekking maken dat op de platte aarde een rondvaart langs het drijfijs binnen de witte ringwal zeventig dagen tijd zou vergen, in plaats van een vijftiental dagen om het drijfijs van een globe-zuidpooltje. En zulk een rondje werd dan ook nog nimmer gemaakt.

De andere tienlanden-expedities

De andere tienlanden-expedities hielden zich ook na het geofysisch jaar, jaar in jaar uit, zeer stil. Ik vraag me af: Als zij zich werkelijk rondom een zuidpool bevonden, die nauwelijks de helft groter dan het noordpoolgebied heet te zijn, dan rijst de vraag: Waarom hebben toen de Nieuw-Zeelanders, de Noren, Russen, Japanners, Australiërs, Zuid-Afrikanen, Fransen, Belgen, Chilenen en Argentijnen, op de dag dat Hillary en Fuchs elkaar ontmoetten, elk niet onverwijld een vliegtuig gecharterd om op dit grote, historische moment, Hillary en Fuchs de hand te komen drukken en tegelijk alvast de wetenschappelijke gegevens aan elkander uit te wisselen? Wat was dit een evenement geweest ter bekroning van het geofysisch jaar, voor eens en al ten bewijze dat de aarde inderdaad een bol met twee polen is!.....

Maar zij lieten allen toen verstek gaan, gepaard met een bedenkelijke stilzwijgendheid....Is het een wonder, dat al deze geheimzinnigheid de spanning in de bewoonde wereld opvoerde en een naar waarheid hunkerende theoloog in Beieren riep: "Schweigende Forschers, wol mir nicht langer quällen!"

Plotseling zou er echter een teken van leven komen. Het kwam vrijwel op hetzelfde moment van de ontmoeting HilIary-Fuchs; namelijk van de andere kant van het aardplateau van de Russen in Oost-Antarctica. De Russen wilden, al was het aan de late kant, ook van zich doen spreken met een oversteek naar dat trefpunt. Of.....wisten zij wel beter?

Hun verkenningen door de lucht hadden, na vluchten van 2.000 kilometer, hen al genoodzaakt naar hun Mirny-basis terug te keren, aangezien in de ijler wordende lucht verder vliegen uitgesloten was. Met "tanks zouden zij het wel verder kunnen brengen, allicht, maar tot hoe ver? Met de "noordpool" in de rug is op de platte aarde in Oost-Antarctica het H.F.-trefpunt natuurlijk onbereikbaar. Toen verscheen in de pers met vette koppen het opzienbarende bericht: "32 Russen met 'tanks' op mars naar de pool der onbereikbaarheid".

Na de reeds verkende 2.000 kilometer ruimschoots te hebben overschreden, volgde er een obstakel in de vorm. van een 3.700 meter hoge ijsbarrière. De "tanks" rolden er tegenop, ze haalden het en trotseerden een temperatuur van 85° onder nul. Zij daalden af en kwamen terecht in een vallei, 1.000 meter beneden zeeniveau, totdat zij - naar ik meen te hebben verstaan uit een enkel radiobericht - het brachten tot 4.100 kilometer. Dit is een afstand die beduidend groter is dan het hele globe-zuidpoolgebied in doorsnee, of meer dan 1.000 kilometer verder dan het F.H.-trefpunt....en nog steeds geen trefpunt, het aspunt van een zuidpool. En toen? Stilte....er volgde geen verdere berichtgeving. Sindsdien niets meer vernomen. Liepen de Russen spaak? De 32 Russen zijn of noodlottig omgekomen of in alle stilte teruggekeerd.

De uiteindelijke zone van de witte ringwal noem ik "de zone der apathie", waar men tenslotte in een redeloze reddeloosheid, in een droom zonder inhoud, het leven laat.....

De aanvang van de drijfijs-zone om de platte aarde schat ik in het rond op 50.000 kilometer. De omtrek van de barrières op 60.000 tot 75 à 100.000 kilometer. Deze raming kan mijns inziens niet ver mis zijn.

Nu zouden de Russen vanuit Oost-Antarctica natuurlijk wel aan het Amerikaanse kampement in West-Antarctica een bezoek kunnen brengen, maar dit zou alleen kunnen over de totale linkse, of rechtse linie van de ringwal, of vanuit een veel dichterbij liggende basis. Het eerste zou echter een meer dan bovenmenselijke prestatie vergen, gedurende zeker wel een zevenhonderd dagen. Lang voordat de 32 Russen vertrokken, waren er trouwens al 16 man in de noordelijke richting onderweg met "tanks" die men ,"rollende huizen” noemde. Deze mannen droegen een nevenbasis over aan de Noren. Na een zevenhonderdtal dagen verscheen er toch een bericht: "16 Russen brengen een bezoek aan de Amerikanen". Het wil me niet aan dat deze 16 mannen werkelijk over het hele noordelijke witte continent trokken naar West-Antarctica. Wel wil het me aan dat zij wellicht per schip aan land gingen van een veel dichterbij gelegen basis.

En dat de Russen meer bases hebben dan men denkt, is lang niet denkbeeldig. Het volgende veelzeggende geval motiveert dit vermoeden. In plaats dat de 16 Russen trachtten van een andere kant op hun basis in Oost-Antarctica terug te keren zagen zij er vanaf, tegen de verwachting van de Amerikanen. Het werd nog mysterieuzer door het feit dat zij, na de ontzettend vermoeiende tocht - volgens de pers de grootste tocht welke ooit door een expeditie in Antarctica werd afgelegd - na een paar dagen al terug gingen vanwaar ze gekomen waren, onder het motto: "Er zal ons een bevoorradingsschip opwachten". Waar?......Ook verder niets meer van gehoord. Het komt me voor, dat Russische en Amerikaanse "top-geheimen" in botsing kwamen, legio top-geheimen, waardoor de wereld erg lang onwetend blijft.

Een robot-piloot kan het pleit beslissen

De eindige grens-zone van de platte aarde kan tenslotte weleens een val zijn van waaruit niemand wederkeert. Laat een robot-piloot het opknappen, draadloos bediend vanuit een basis waar men zelf veilig is. Men mag de "knaap" natuurlijk niet laten deserteren met hem in een linkse of rechtse boogvlucht naar een ander kustgebied terug te laten zwenken, gelijk de expedities van Hillary en Fuchs. Neen, de route moet onherroepelijk met het oude noorden in de rug gericht zijn naar het oude zuiden, recht toe, recht aan over de barrières. Het zal dan niet erg lang duren of de "piloot" geeft S.O.S.-seinen. Wanneer men hem dan niet commandeert terug te keren, zal hij vreemde kuren gaan vertonen.

Totdat hij het verder vertikt en.......in alle talen zwijgt, of.....wetmatig linksom zwenkt tegen aller verwachting in. Indertijd publiceerde de wereldpers de volgende verklaring van Byrd: "Vele jaren al was mijn nieuwsgierigheid gewekt door dat vreemde stuk witte, ongeëxploreerde ruimte, waarachter de meest uitgestrekte kustlijn zich moet uitstrekken. Sedert Cook hebben talrijke onderzoekers vergeefs gepoogd tot dat gebied door te dringen; zij zagen zich de weg versperd door ijsbergen van ondoordringbare dikte".

In 1947, toen de Admiraal het grensoord vanuit de lucht verkende, zei hij, volgens het officiële nieuwsbulletin no. 73, U.S.I.S.: "De expeditie heeft het grootste plateau ter wereld gecontroleerd, waarbij de oppervlakte werd gesteld op 360.000 vierkante kilometer" In "La Tribune des Nations" meldde Edmond Tranin: "Het zuidpoolland is ongeveer even groot als Europa en Amerika tezamen en het grootste deel ervan is nog nooit door mensen gezien, laat staan betreden". - Dit was toen al heel wat anders dan het kleine witte plekje onder aan de globe.

In de loop der jaren werd, na bezoeken van volgende expedities, de "zuidpool" voortdurend groter en groter, totdat men er nu met de globe geen raad mee weet. Er kunnen dus aan die 360.000 vierkante kilometer de nodige honderd-duizenden worden toegevoegd, zo niet miljoenen. En dan te denken dat het ene land het andere van dit onmogelijk exploiteerbaar gebied het eigendomsrecht betwist. Waarom toch heeft men er nog nooit eens een vijftiendaags rondje omheen gevaren? Het zou voor miljonairs en voor journalisten van de rijke wereldpers een kostelijke vakantie-trip zijn die ruimschoots zijn geld zou opbrengen. Bezwaarlijk wegens het gevaar door drijvende ijsbergen? U hebt gelijk als men zich realiseert, dat een Amerikaanse ijsbreker, volgens de "New-York Times", op 240 km ten Westen van Scott Island 1956 zulk een monster van 333 km lang en 96 km breed signaleerde, en meer soortgenoten, die lelijke obstakels vormen. Het zij zo, maar dan moet het toch per vliegtuig kunnen; de actie-radius is al meer dan 20.000 km als het moet en ruimschoots voldoende. Het zou een prachtig experiment zijn voor een Constellation, nog beter voor een Douglas X3, de "vliegende Stiletto" die, met een uursnelheid van duizend kilometer met gemak in tien uur om de globe-zuidpool heen moet kunnen vliegen. Is het bedenkelijk, omdat het gebied groter is dan men had gedacht? Tel er dan nog vijf uur bij, in totaal dus 15 uur. Op mijn platte aarde zal men op een rondvlucht langs de barrières op zestig uur met de brandstof rekening moet houden, en.....brandstof voor enkele uren reserve is geen overdaad. Wie zal het eerst zijn, Amerika of de Sovjet-Unie? Miljoenen t.v.-kijkers zien met spanning uit naar de unieke reportage op het beeldscherm.

De foto-opnamen vanuit V 2-projectielen, kunstmanen en Tirossen

Er ligt op mijn bureau een overzichtsfoto van het Amstelveld te Amsterdam. Elke Amsterdammer weet dat dit veld plat is. Op deze foto echter, genomen uit een bovenverdieping van een woning, vertoont het platte veld zich gebogen, enigszins bol. Men ziet niet alleen de eindlijn van een duizendkoppige menigte gebogen, maar ook de grondlijn van de er achter staande gebouwen.

Mij van de domme houdend, schreef ik aan de redactie van het blad waarin de foto werd afgedrukt: "Is de buiging van de eindlijn op de foto het gevolg van de kromming van de aarde?" Het antwoord - zwart op wit in mijn bezit - luidt: "De gebogen eindlijn op de foto van het Amstelveld is het gevolg van de sferische aberratie in de lens".

Er komen veel van dergelijke afwijkingen op foto's voor. Toen bijvoorbeeld de nieuwe rijksweg Utrecht-Amsterdam geopend werd, nam een persfotograaf een foto vanuit een zolderraam van een pand aan de hoek Rivierenlaan-Rijnstraat. Aan het begin van de weg ligt een kaarsrechte zebra-oversteek voor voetgangers. Deze blijkt, als men er op de foto een liniaal langs legt, boogvormig te zijn. Legt men de liniaal langs de hoog op de foto liggende optische einder, dan merkt men hetzelfde verschijnsel als bij de zebra.

Dit is ook het geval op een overzichtsfoto van het nieuwe honkbalveld te Eindhoven. Op een, van een hoge televisie toren genomen foto, staan, aan het einde van dit veld witte grenspaaltjes van ongeveer een meter hoog. Al deze paaltjes staan natuurlijk loodrecht, maar op de foto neigen de paaltjes zich enerzijds uit het lood naar links, en anderzijds uit het lood naar rechts, en wekken de schijn alsof het veld enigszins bol is.

Wat is nu de oorzaak van al dergelijke krommingen? Al zulke gebogen oppervlakten ontstaan ten gevolge van de uit het waterpas naar omlaag gerichte camera, via de bolle lens waarvan het platte veld zich boogvormig op de filmband projecteer. Houdt u, bij wijze van lens, eens een vergrootglas schuin voorover boven een krant, dan vertonen de regels zich ook gebogen, zowel als het vlak van de krant zelf.

Zo hebben de raketfoto's, die een overzicht bieden van het aardoppervlak in vogelvlucht, menigeen een poets gebakken. Het waren bolle lensbeelden van de platte aarde. Hoe hoger de camera, hoe schuiner hij naar omlaag gericht moet zijn; des te meer buigt in de lens de optische horizonslinie en hoe meer het op de verkregen foto schijnt alsof de aarde bolrond is.

De eerste V2-opnamen, genomen op een hoogte van 100 en 200 km, deden het voorkomen als waren het foto's van een halve aardbol. ln werkelijkheid betrof het beeld maar een miniem schijfje van Noord-Amerika in de buurt van Mexico, over een breedte van slechts 600 km. Dit was dus maar een 65e deel van de boltheoretische omtrek van de aarde. De matig gebogen einder werd in zijn kromming nog wel tienmaal overdreven met de afsluiting van het fotobeeld aan de onderkant, waardoor men het een trucfoto kon noemen. Dat de sterke afronding de ronding van het diafragma van de camera betrof, en geen ronding van de aarde, daaraan dacht bijna niemand. Het was nog des te fascinerender toen men dergelijke foto's op zijn kop afdrukte met de eigenlijke matig gebogen horizon beneden en de gediafragmeerde bolle kant boven. En zo volgden er publicaties van het ene na het andere bolle lensbeeld van een fragment der platte aarde.

Wie de meer recente, door de Amerikaanse Tirossen afgegeven, foto's van delen van het aardoppervlak meetkundig bestudeert, stelt ogenblikkelijk vast dat er gekunstel in het spel is. Het zijn geen directe maar indirecte foto's. Dit kan men vaststellen als men weet dat een reeks van 32 opnamen elkaar voor tweederde deel overlappen, achteraf samengesteld tot één geheel. Dat men er zodoende alle kanten mee uit kan, spreekt vanzelf. Men kan er naar believen een beeld van een platte aarde zo wel als van een gebogen aarde mee samenvoegen, zonder noemenswaardige afwijkingen der details. Het is maar vanuit welk principe de fotograaf het zich wil voorstellen. Men ging uit van het principe bolronde aarde en bij het resultaat zette men er een "globe" naast, ten bewijze van de "echtheid". Dat mag natuurlijk, als de aarde werkelijk een bol is; ook als men in de mening leeft dat het zo is. Maar dan moet men niet de onvoorzichtigheid begaan de kromming van de aarde te overdrijven, waardoor de kromming nog groter wordt dan de meetkundige kromming welke de boltheorie voorschrijft, want dan is het gekunstel al te duidelijk!

Nu is er met de Tiros-foto's iets merkwaardigs aan de hand, waarop we nog even willen attenderen. Volgens de pers werken deze camera's namelijk zonder lens; de beelden worden opgevangen door een gaatje, waardoor er zich geen vertekeningen voordoen zoals door tussenkomst van de lens. We merken op, dat men van een enorm object op eenzelfde miniem filmbandje evenmin een getrouwe weergave in de ware proporties krijgt. Dit zou alleen het geval zijn wanneer men een camera zou kunnen construeren nog groter dan het te fotograferen object zelf. Onuitvoerbaar, helaas, maar dan zou men eens wat zien!

Men zou nu geneigd zijn te denken dat men met de lensloze camera's een beeld tot in het oneindige vangt. De reikwijdte is allicht veel groter dan die met een lens, doch ook dan speelt de onzuiverheid der atmosfeer in de van de aarde opstijgende dampen een rol in de beperking van het vergezicht, waardoor tenslotte een wazig einde de rest afsluit.

Toch geven de Tiros-foto's een scherpe en ook gebogen einder weer. Dit laat zich eenvoudig verklaren: voor een overzicht naar beneden, worden de camera's immers uit het waterpas naar omlaag gericht en spreekt het voor zichzelf dat dit op een platte aarde uitloopt op een einder. Ook is het vanzelfsprekend dat het ronde gaatje, waardoor het beeld komt, een ronde einder op de filmband projecteert. En al was dit niet het geval, dan neme men in aanmerking dat een Tiros 16 omwentelingen per minuut maakt. Op een serie opnamen, gepaard gaande met de wenteling, geven ze samen zeer zeker een gebogen einder weer, hetzij de aarde plat of rond is. Wat de ware vorm der aarde nu betreft, daarover zouden de Tiros-foto-laboratoria ons straks veel kunnen zeggen. Een student te Delft toonde me reeds een door een Tiros afgegeven foto van een deel van het aardoppervlak waarop zich een gedeelte van de witte ringwal van de platte aarde vertoont.

afbeelding

U zult dit wel met me eens zijn: Wanneer men nimmer op de bolgedachte was gekomen, dan zou de wetenschap alle gerezen vraagstukken ook met een platte aarde als basis geinterpreteerd hebben. Dat dit in de naaste toekomst - zij het aan de late kant - lang niet denkbeeldig is, zult u nu allicht ook wel gaan vermoeden. De door Gagarin vanuit de Wostok genomen foto van het aardoppervlak komt me veel waarheidsgetrouwer voor dan vele andere. De optische einder is maar matig gebogen. Als men de geringe boogvorm uitstrekt over het hele aardoppervlak, lijkt dit verre van een bol. De aarde heeft dan de vorm van een eierkoek. Daar zou ik niets op tegen hebben, want eventuele microben, die er op rondkruipen, mogen hun woonstee dan toch met recht "plat" noemen.

Een ruimtereisje

Voor we nu een kleine tijd gaan pauzeren, in welke tijd u vragen mag stellen, zullen we, voor ontspanning, even een ruimtereisje maken. Ik beloof u dat we niet ver van huis gaan, want vergeleken bij een paar miljard lichtjaren, op welke afgrijselijke afstand men nog sterren meent waar te kunnen nemen, mag vier lichtjaren naar de dichtstbijzijnde vaste ster Cantouri geen naam hebben.

Neem eens aan, dat er bij de aanvang van onze jaartelling een straaljager met een uursnelheíd van duizend kilometer voor een nonstopvlucht is vertrokken naar Cantouri. Hoe ver denkt u dat de jager thans, na bijna twintig eeuwen, gevorderd is? U kunt het niet bij benadering raden. Oppervlakkig zou men denken: hij is er natuurlijk allang. Maar zodra ge gaat rekenen, zult ge ontdekken dat het nog wel een poosje duurt: uw tiende kleinkind, uw honderdste, ja, uw duizendste achterkleinkind zal het nog niet beleven. Sinds het jaar 1 namelijk heeft hij nog geen duizendste deel van de vier lichtjaren afgelegd. Hij moet nog negentienduizend negenhonderdtachtig eeuwen door razen voor hij de afstand heeft overbrugd. Reken het in een verloren ogen- blikje na, anders zoudt u kunnen denken dat ik fantaseer of overdrijf. U zult het tegendeel ontdekken.

Nu moest deze eerste astronaut-snelheidsmaniak, die straks in zijn eentje zijn 2.000ste verjaardag kan zitten vieren, eens weten, dat er intussen op aarde een stad ontstond die Amsterdam heet, waar in het jaar 1958, tijdens een ruimtevaartcongres, een geleerde doodleuk zou verklaren dat een nieuwe energiebron door middel van fotonenstralen de toekomstige ruimtevaarder een snelheid kan geven die bijna gelijk is aan die van het licht. Dit zou hem duidelijk maken dat men dan nog sneller om de "aardbol" zou kunnen cirkelen dan hij de handel van zijn gezellig koffiemolentje in staat is rond te draaien.

Zullen we ons de moeite maar sparen om ons afstanden van honderden, duizenden, miljoenen, miljarden lichtjaren in te denken? Hier raakt immers het logisch denken zoek. De zinspreuk "keer in tot uzelf" lijkt dus niet zo onnozel als wel eens werd gedacht. Immers: Wie denkt dat hij het universum reëel ziet, gaat in zijn denken zichzelf te buiten. Onze voorouders rekenden met ellen, meters en kilometers.

Nakomelingen gingen zweven en zijn gaan rekenen met lichtminuten, -uren, -dagen, jaren; honderden, miljoenen, miljarden lichtjaren. Nu is het al zoveel miljard parsec. Op dood spoor? En dan te weten, dat, op grond van de streng wetenschappelijke verklaring van het zien, men in feite niet verder zien kan dan zijn neus lang is.....Dat men al dergelijke "afstanden" uitsluitend en alleen intern waarneemt in de relatieve ruimte van het oogvolume in zijn individuele beslotenheid.

Pleidooi voor de platte Aarde

Aantekeningen